Een kalf van klatergoud

Voor de Utrechtse Schouwburg stond, toen iedereen allang was vertrokken, nog het meer dan kalfsgrote afgietsel van het Gouden Kalf – als klatergouden herinnering aan een overschat festival, dat uitmondde in de toekenning van de prijs van beste acteur aan een zestienjarige jongen. Dit is een met enig chagrijn opgetikte zin van een bezoeker die zich over dat festival geen oordeel kan aanmatigen omdat hij veel te weinig films zag. Eigenlijk zag hij er maar één. Maar zou het kunnen zijn dat die ene exemplarisch was voor een grote malaise?
Ik keek, op een donderdagavond, in een slechts voor een kwart gevulde zaal, naar de festivalvertoning van ’Winterland’, een film van beeldend kunstenaar Dick Tuinder, die in de pers een aantal zeer welwillende voorbeschouwingen had gekregen. Daarin was sprake van ’een pratend en bewegend schilderij van anderhalf uur’. ’In de wereld van Dick Tuinder is het echte fictief en het fictieve echt. En zodra je ergens je vinger op legt verschuift alles’. (De Volkskrant). Het is ’een sprookjesachtige roadmovie’ (NRC). De regisseur noemt zijn film in deze krant ’een reis door verschillende virtuele, echte en fantasiewerelden en langs alle mogelijke manieren om daar verhalen over te vertellen’ en ’het zijn werkelijkheden die maar een paar seconden naast elkaar liggen’. ’Het wordt een mix van live action, animatie, film-in-een-film en film-over-film’.
Het is ’diep en licht tegelijkertijd’ en hij kreeg er, vernamen we, maar een bescheiden 300.000 euro voor – deels van het Filmfonds en deels van de Mondriaanstichting. En er komen pratende stenen in voor, want de regisseur vind het ’verfrissend om al die filosofische vragen waarmee ik mijn personages opzadel eens vanuit het perspectief van die stenen te bekijken’.
De film is volgens hoofdrolspeelster Tara Elders een wandeling door het hoofd van Dick Tuinder, maar volgens NRC is hij juist een eerbetoon aan Tara Elders.
Zulke dingen werden er over de film gezegd. Gebazel? Ja.
De film was een draak uit het genre dat traagheid en een spaarzaam woordgebruik gelijkstelt aan diepgang. Alle zeggingskracht moet uit het beeld komen of uit een quasi diepzinnige oneliner, in een verhaal zonder lijn of plot. Er zijn er die dit een arthouse film zouden noemen. Er komt geen hond naar kijken.
Daartegenover staat de publieksfilm, zoals ’De Storm’, daar leveren we in dit land jaar na jaar middelmatige proeven van af. Ziedaar de malaise, onze keuze uit de Nederlandse cinema – jaarlijks gevierd met een groots incestueus festival en een regen aan prijzen, waarmee iedereen iedereen feliciteert.
Kan ik dat allemaal afleiden uit die ene film? Misschien, want alles kwam erin samen: de industrie, de sponsors, de steracteurs (naast Elders ook haar man Michiel Huisman), het festival dat hem opnam, de filmkritiek (die overigens zweeg na de première), zelfs het schaarse publiek, dat hem bekeek – de keizer in zijn nieuwe kleren.
wim boevink
6 oktober 2009
this opinion first published in trouw.nl
Leave a Reply